Leids onderzoek onder 316 nierdonoren
Alle nierdonoren die tussen 1997 en 2009 in het Leids Universitair Medisch Centrum een nier hebben afgestaan zijn geïnterviewd. (316 personen)
De vragen hadden betrekking op de kwaliteit van hun leven, voor zoverre gerelateerd aan hun gezondheid.
Conclusie van het onderzoek is dat de gemiddelde nierdonor zichzelf een hoger cijfer toedicht voor de eigen levenskwaliteit dan de gemiddelde Nederlander. Globaal het cijfer acht voor donoren tegenover een zeven voor de anderen.
Op alle onderdelen scoren donoren hoger dan overige Nederlanders. Hierbij gaat het om zaken als: fysiek functioneren, geestelijke gezondheid, pijnklachten, sociaal functioneren, algehele gezondheid.
Of de donatie kort of lang geleden is, maakt geen verschil in de uitkomst. Ook bij donoren die langer geleden hebben gedoneerd zien we dezelfde antwoorden terugkomen.
Dit laatste is interessant, omdat uit eerdere onderzoeken naar voren kwam dat veel potentiële donoren aarzelen met hun donatie vanwege onbekendheid met de effecten op langere termijn. We weten inmiddels dat de sterfte-oorzaken onder donoren dezelfde zijn als die van overige Nederlanders. Wel is op hogere leeftijd de bloeddruk van donoren soms hoger dan gemiddeld.
Een deel van de bevraagde donoren gaf aan een slechtere kwaliteit van leven te ervaren of meer vermoeidheidsklachten te hebben sinds de donatie. De oorzaken hiervan blijken echter eerder terug te voeren op een bepaald leefpatroon, hogere Body-Mass-Index (BMI) , roken of te hoge verwachtingen over het gelijk blijven van de gezondheid met het verstrijken van de leeftijd. Het leven met één nier kan hiervoor niet als oorzaak worden aangewezen.
Het onderzoek is gedaan door Ingrid de Groot van het LUCM Titel: Determinants of reduced quality of life in living kidney donors
